In de moderne orthopedische chirurgie wordt steeds meer minimaal invasief gewerkt. Het kijken in gewrichten met behulp van minuscule camera's is niet meer uit de humane geneeskunde weg te denken.

Ook in de diergeneeskunde wordt in sommige centra reeds gebruik gemaakt van deze moderne techniek. Al meer dan 8 jaar worden in het Dierenziekenhuis Drechtstreek arthroscopieën (kijkoperaties in gewrichten) verricht bij honden.

In de eerste instantie wordt arthroscopie gebruikt als diagnostische aanvulling op röntgenfoto's, daar deze zeer vaak tekort schieten bij de diagnosestelling van elleboog- en schouderproblemen bij de jonge hond. Dit omdat rontgenfoto's het kraakbeen niet zichtbaar kunnen maken. Problemen bij opgroeiende honden die vaak te maken hebben met kraakbeenschillen en kraakbeenfragmenten kunnen met arthroscopie wel gediagnosticeerd worden.

Maar arthroscopie wordt met name gebruikt bij de behandeling van de volgende gewrichtsproblemen:

Ellebooggewrichtsproblemen

De volgende vormen van elleboogdysplasie kunnen met artroscopie goed gediagnosticeerd en behandeld worden:
- losse processus coronoideus (LPC),
- losse processus anconeus (LPA),
- osteochondritis dissecans van de humeruscondyl (OCD),
- incongruentie van het ellebooggewricht,

Schouderproblemen
Ook bij de volgende schouderproblemen wordt veelvuldig van deze methode gebruik gemaakt:
- osteochondritis dissecans van de caudale humeruskop (OCD)
- bicepspeespathologieen (gedeeltelijke scheuren van de bicepspees)
- instabiliteit van het schoudergewricht.

Naast het verwijderen van losse kraakbeen- en beenfragmenten, kan men op deze manier ook goed het gewricht flushen (onder druk spoelen met veel steriele vloeistof) , waardoor een ontstekingsreactie behandeld kan worden. Tevens kan lokaal een middel ingebracht worden om de ontstekingsreactie te behandelen of het kraakbeen te stimuleren. Het spoelen gebeurt bij jonge , maar ook bij oudere honden.

De grote voordelen van arthroscopie zijn met name te wijten aan het feit dat de ingreep veel minder zwaar is voor het dier. De gehele ingreep vindt plaats door twee kleine gaatjes.
- de herstelperiode is daardoor zeer kort,
- infectierisico's zijn laag,
- er is veel minder pijn en
- het dier kan weer sneller lopen

Er zijn echter ook behoorlijke voordelen voor de chirurg (en daardoor ook voor de patient): Er is een beter overzicht van de letsels in het gewricht, met name door de vergroting van het operatieveld door de vergroting van de camera

Over het algemeen is het zo dat de patient direct na de ingreep, die meestal 's middags plaatsvindt, weer mee naar huis mag.

Hieronder worden een aantal foto's getoond van een patient met problemen in het ellebooggewricht: LPC (losse processus coronoideus)
U ziet dat het kraakbeen hieronder duidelijk onderbroken wordt door een scheur. De beenpunt aan de binnenzijde van de elleboog (de processus coronoideus medialis) is losgekomen, maar nog niet verplaatst.


Door middel van palpators, boortjes en tangetjes wordt het fragment losgemaakt en mobiel gemaakt in het gewricht.



Daarna is het mogelijk dat de chirurg het fragment met een tang beetpakt en verwijdert. U ziet de tang van links boven in het gewricht komen.